Over appels en peren

Welkom op de blog van lingeriewinkel Eva's Appel

frietjes

Leven in ‘quarantaine’ is niet altijd gemakkelijk. En toch proberen we er elk op onze manier het beste van te maken. Het Nieuwsblad heeft aan negen mensen gevraagd om een dagboek bij te houden uit ‘hun kot’. Ik ben een van die mensen, en elke dag plaats ik hier ook mijn dagboekfragment. Vandaag: Deel 6

Wat ik het meest mis in deze lockdown… Wacht,… neen, het meest mis ik sociaal contact in real life. Maar wat ik het twééde meest mis, is de horeca. Een noedelsoepke slurpen na het werk, garnaalkroketjes met de beste vriend, Dark and Stormy met een blokske kaas en een goeie vriendin…

De gedachte aan het leven zoals het -amper twee weken geleden- was, doet me bijna kwijlen. Eén keer ben ik als kind met mijn ouders op restaurant geweest. Maar die ene keer was genoeg om te beseffen dat dit zó mijn ding is. Restaurants verenigen al mijn favoriete dingen: lekker eten, lekker drankje, leuke mensen, en goeie gesprekken.

Nu is onze huiskost ook wel lekker, en het gezelschap top, maar ik mis onze vaste adresjes. Zelfs frietjes op zondagavond zitten er niet in, want onze twee favoriete frituren zijn (begrijpelijk) toe.

Het enige voordeel is dat dit de goedkoopste maand ooit wordt. En dat die garnaalkroketten, noedels en cocktails nóg beter gaan smaken als dit allemaal achter de rug is.

Misschien kunnen we afspreken dat jullie na deze lockdown massaal beha’s komen kopen? Dan herinvesteren wij dat geld in de Gentse horeca. Zo krijgen we samen de middenstand weer op de rails. Deal?

was fotoLeven in ‘quarantaine’ is niet altijd gemakkelijk. En toch proberen we er elk op onze manier het beste van te maken. Het Nieuwsblad heeft aan negen mensen gevraagd om een dagboek bij te houden uit ‘hun kot’. Ik ben een van die mensen, en elke dag plaats ik hier ook mijn dagboekfragment. Vandaag: Deel 5

Terwijl ik mijn zoon zijn verse kleren in de kast leg, zie ik mijn buurvrouw buitenkomen met een volle wasmand. De opgevouwen kleren zijn bedoeld voor haar man, die sinds kort in een verzorgingstehuis verblijft.

Tot vorig jaar waren onze buren gezonde zeventigers. Hij ging elke dag joggen, en had een conditie waar ik jaloers op kon zijn. Dat joggen werd noodgedwongen wandelen. En nu is het al een paar maanden geleden dat we onze buurman nog buiten zagen. De conditie was er nog, maar het hoofd kon niet meer mee.

In die mate zelfs dat onze buurvrouw hem niet meer thuis kon verzorgen. Drie weken geleden vertelde ze verdrietig en opgelucht tegelijk dat ze een instelling in de buurt had gevonden. ‘Dan kan ik hem elke dag bezoeken.’

Maar toen kwam Corona. En sindsdien mag ze enkel nog de was afzetten aan de deur. Hij begrijpt het maar half. De verbijstering staat op haar gezicht geschreven: ‘Hoe kan het leven op zo’n korte tijd keren?’ Ik zie haar stappen met haar opgevouwen was, en denk ‘Het zijn gelukkig maar beha’s.’

thumbnail_IMG_8746Leven in ‘quarantaine’ is niet altijd gemakkelijk. En toch proberen we er elk op onze manier het beste van te maken. Het Nieuwsblad heeft aan negen mensen gevraagd om een dagboek bij te houden uit ‘hun kot’. Ik ben een van die mensen, en elke dag plaats ik hier ook mijn dagboekfragment. Vandaag: Deel 4

Lingerie is een product dat je moet passen. Daarom verkoop ik – buiten cadeaubonnen – niet online. Weinig vrouwen kennen hun juiste maat, én borsten veranderen doorheen het leven. Bovendien kan elk behamodel anders vallen, zelfs binnen eenzelfde merk.

Ik sta nog steeds achter mijn visie. Alleen… voel ik de laatste dagen soms wat jaloezie als ik mijn collega-winkeliers mét een webshop bezig zie. Het is super frustrerend om een winkel vol schoon gerief te hebben dat je niet kan verkopen.

Daarom heb ik besloten om producten die online wel gemakkelijk verkopen (pyjama’s, kousen, nachtkleedjes,…) zelf te showen op Instagram en Facebook. De 3suisses anno 2020, of zoiets. Klanten die instant verliefd worden op een product, krijgen het thuis geleverd.

Zo kwam het dat ik deze ochtend door mijn winkel liep te paraderen in een mooie kimono, ondertussen foto’s en filmpjes makend van mezelf. Gêne is zó 2019, die laten we gewoon varen. En feministes zullen me dankbaar zijn: eindelijk een realistisch vrouwbeeld in reclame. 😉

PS: verliefd op deze kimono? Stuur ons gerust een berichtje via Facebook/Instagram/mail…

thumbnail_IMG_8688

Leven in ‘quarantaine’ is niet altijd gemakkelijk. En toch proberen we er elk op onze manier het beste van te maken. Het Nieuwsblad heeft aan negen mensen gevraagd om een dagboek bij te houden uit ‘hun kot’. Ik ben een van die mensen, en elke dag plaats ik hier ook mijn dagboekfragment. Vandaag: Deel 3

Het is zondag, het is mooi weer, en het enige wat we mogen doen, is wandelen in de natuur. Stapschoenen aan, de zoon zijn fiets in de koffer, én naar buiten dus. Met dikke tegenzin van onze vijfjarige want die vindt de natuur saai. ‘Ik ben gisteren al in de natuur geweest mama, en die ziet er altijd hetzelfde uit.’ Gelukkig voor hem verhuizen we binnenkort naar een van de drukste invalswegen van Gent.

De rust waar we naar verlangen, is hier vandaag niet te vinden. Voor mensen die de voorjaarsklassiekers missen: vanaf nu vindt er elke zondag een light-versie plaats in het natuurgebied om onze hoek.

Slalommend baant onze zoon zich een weg door fietsende gezinnen, mountainbikers, en wandelende virusvriendjes. Terwijl hij een ander fietsend kind ontwijkt, zie ik een echtpaar op leeftijd achteruit springen in de berm. Niet het feit dat hij nogal onstuimig rijdt maakt hen bang, wel dat hij in hun richting zou kunnen ademen. Vijf seconden later pakt hij zijn bocht een beetje wild, en smakt tegen de grond.

In gedachten zie ik mezelf al zitten op de spoed van het UZ – de plek waar echt niémand nu wil zijn -, en besluit om weer naar huis te gaan.

Een porto drinken om vijf uur ’s middags, dat geeft ook een zondagsgevoel.

oscar en JanLeven in ‘quarantaine’ is niet altijd gemakkelijk. En toch proberen we er elk op onze manier het beste van te maken. Het Nieuwsblad heeft aan negen mensen gevraagd om een dagboek bij te houden uit ‘hun kot’. Ik ben een van die mensen, en elke dag plaats ik hier ook mijn dagboekfragment. Vandaag: deel 2

‘Mama, je moet wel wat liever zijn tegen mij.’

‘Oei schat, ben ik dan niet lief?’

‘Neen, je wordt altijd boos.’

Lap, we zijn een paar dagen ver in deze lockdown, die geen lockdown mag genoemd worden, en mijn zoon van vijf roept me al op het matje. Eerst wil ik er tegenin gaan, maar twee seconden van zelfreflectie leren me dat hij gelijk heeft.

Ik ben niet de schoonste versie van mezelf. Het voortdurend switchen van paniek, naar wanhoop, naar mezelf geruststellen, en dan weer terug… vraagt veel van mijn hoofd. Een kleuter die voortdurend ‘Mamaaaaaa!’ roept, helpt daar niet bij.

Dat ook zijn vader als een kieken zonder kop door ons huis loopt te bellen, helpt nog minder.

Daarom hebben we actie ondernomen, en onze logeerkamer omgebouwd tot bureau, alias flipkot. Hij mag in de voormiddag in het flipkot, ik in de namiddag. Daar mogen we bellen, mailen, conferencen en stressen zoveel we willen. Daarbuiten zijn we betrokken ouders die prikken, knippen en wandelen met onze zoon. Dit alles hebben vader en zoon in een overzichtelijk schema gegoten.

Alleen structuur zal ons redden!

strandLeven in ‘quarantaine’ is niet altijd gemakkelijk. En toch proberen we er elk op onze manier het beste van te maken. Het Nieuwsblad heeft aan negen mensen gevraagd om een dagboek bij te houden uit ‘hun kot’. Ik ben een van die mensen, en elke dag plaats ik hier ook mijn dagboekfragment. In de iets langere versie. Vandaag: deel 1.

‘Gelieve elk blad te paragraferen, in te scannen en terug te sturen.’ In tijden van Corona verlopen zelfs beslissingen die levens veranderen digitaal. Geen coupke champagne bij de notaris om de verkoop van ons huis te vieren, maar een droge mail.

Dan waren we vorige week beter af, klinkend op ons terras in Andalusië. We hadden pas de winkel gekocht, en nu was dus ook ons huis verkocht.

Het leven zag er goed uit. Dit was onze eerste reis in járen die verder ging dan Frankrijk of Holland. Want die eerste jaren van de winkel waren pittig. Een financiële buffer was er niet. Maar nu gingen we er eindelijk op vooruit: geen huur meer betalen, maar investeren in ons eigen winkelpand. En de zomer kwam eraan, hét topseizoen in lingerie.

Drie dagen heeft deze euforie geduurd. Plots merkten we zenuwachtigheid in het hotel. Stoffen servetten werden vervangen door wegwerp, mensen begonnen elkaar argwanend te bekijken aan het buffet. Een dag later waren alle stranden afgesloten.

En nu zitten we hier, thuis. De winkel is dicht. En ik ben de trotse bezitster van honderden bikini’s en beha’s die voor het einde van de zomer de deur uitmoeten. Want volgend jaar zijn ze niet veel meer waard. Zo werkt mode nu eenmaal.

De handtekeningen die ik nu zet, moesten het begin zijn van meer zekerheid. Nu vraag ik me bang af of ze geen molensteen rond onze nek worden.

sportbeha

Anita

Yes, je bent eindelijk goed bezig met die goede voornemens. Gezond aan het eten, regelmatig aan het sporten. Maar wanneer je zumbaat, touwtjespringt, crossfit of hardloopt, zie en voel je die boobies alle kanten op springen. En ja, je hebt alweer zin om er het bijltje bij neer te leggen.
Daarom: deze Eerste Hulp
Bij Sportbeha-shoppen.

Kaatje De Coninck voor Het Nieuwsblad Magazine

Je goed in je vel voelen bij het sporten: wij vrouwen weten dat dat start met de
goede sportbeha. De impact van een (grote) boezem op sportactiviteiten valt niet te onderschatten. Een studie bij 2.089 Engelse schoolmeisjes toonde dat bijna driekwart van hen er op z’n minst één zorg rond had. Ze vonden die boezem te groot, te klein, te bouncy of hadden het gevoel dat die te strak vastzat in een slecht passende beha.

Meer dan de helft van de meisjes tussen de 11 en de 17 jaar zei zelfs schoolsport te vermijden door schaamte over hun borsten of ongemak en pijn. En dat stopt niet als we ouder worden, integendeel: maar liefst 77 procent van de vrouwen ervaart pijnlijke borsten tijdens of na het sporten en 80 procent draagt de verkeerde maat of het verkeerde type beha. Als je springt of loopt zonder voldoende ondersteuning kunnen je borsten tot zo’n 15 centimeter op en neer bewegen. Pijnlijk, oncomfortabel en gênant, maar ook schadelijk.

Omdat een goede sportbeha zo belangrijk is, vragen we raad aan twee experten:
Marieke Van Pee van lingeriewinkel Eva’s Appel in Gent en Natasja Vansteenkiste, verantwoordelijke sportkleding van loopparadijs Runner’s lab.

Waarom is een sportbeha een must?
Marieke: “Een sporttopje kan misschien voldoende steun bieden als je yoga of pilates doet, voor intensievere sporten investeer je beter in een sportbeha. De basisregel is: hoe intensiever je beweegt, hoe steviger je beha moet zijn. Paardrijden en lopen hebben de meeste impact. Hoe vaak zie ik niet een vrouw joggen van wie de borsten alle kanten op gaan. Het is te idioot om zo veel moeite te doen voor een goed lijf en dan tijdens die inspanning je borsten kapot te maken.”

Want ja, elke borst heeft te lijden als je sport. Ook al heb je kleine borsten.
Natasja: “Een twintiger met een A-cup beseft het belang van een sportbeha niet altijd, maar ook haar borsten ondervinden schokken tijdens het lopen. Daardoor komen er kleine scheurtjes in de ligamenten van Cooper, dat is het bindweefsel waardoor een borst zijn vorm en stevigheid behoudt. Die schade is onherstelbaar en twintig jaar later heb je dan ineens hangborsten. Draag een goede sportbeha als je geen pijn wilt hebben, maar ook om schade te voorkomen.”

De juiste beha minimaliseert de beweging van je borsten zo veel mogelijk.
Marieke: “Een goede sportbeha vangt tot 80 procent van de schokken op. Bij een gewone beha is dat maar 20 tot 30 procent. Bovendien is gewone lingerie niet gemaakt uit ademende materialen. Als je zweet, tast dat de stof van je setjes aan. Neen, ook twee beha’s over elkaar is geen oplossing. Een klant biechtte me ooit op dat ze maanden zo was gaan lopen.”

Welke soorten sportbeha’s bestaan er?
Natasja: “Je hebt compressiebeha’s die, zoals het woord zegt, de borsten plat tegen het lichaam drukken. Je borsten bewegen dan niet, maar echt aangenaam is dat toch niet, zeker bij langeafstandslopen. Je zweet tussen je borsten, dat kan gaan irriteren als ze samengeduwd zitten. Je kiest dus beter voor een ingekapselde beha die uit twee compartimenten bestaat. De linker- en rechterborst zijn dan gescheiden en het stukje stof ertussen zorgt voor een betere ventilatie. Een sportbeha bevat meestal geen beugels. Er zijn merken die er hebben, de baleinen worden dan supergoed in de stof ingewerkt, meestal met een soort gel. Maar er bestaan fantastische beugelloze beha’s die veel steun geven dankzij de naadloze dubbellagige cups en een stevige elastische onderband. En een rechte rug of racer back? Dat is maar waar je zelf de voorkeur aan geeft.”

Hoe vind je het perfecte model?
De basisregel is dat de beha je borst volledig moet omsluiten.
Marieke: “Zorg dat er geen stukje borst meer uitpiept dat kan gaan trillen. Dan is je beha te klein. Het belangrijkste is dat de omtrek klein genoeg is, want de steun komt hoofdzakelijk vanuit de borstband en níét vanuit de schouderbandjes. Veel vrouwen kiezen voor een te grote omtrek als ze op hun eentje een beha gaan kopen. Dan trekken ze de bandjes harder op met als gevolg dat er alleen maar meer druk op de schouders komt.”
Natasja: “Zo kunnen rug- en nekklachten ontstaan: vergelijk het met een rugzak, daar draag je ook het meeste gewicht op je heupen en niet op je schouders.”
Marieke: “Achter op je rug mag je niet meer dan twee vingers onder de borstband kunnen steken. Draag hem zo strak als je kunt verdragen, al moet je nog wel kunnen ademen natuurlijk. Pas een beha op het ruimste haakje, zo kun je de omtrek nog verkleinen als hij losser wordt. Dat gebeurt als je hem draagt en wast.”

Hoe weet je of de beha als gegoten zit?
Marieke: “Doe áltijd de paskot-bouncetest. Spring en check in de spiegel of je borsten netjes op hun plek blijven. Buig ook eens voorover: lijkt het dan of er te veel stof op je beha zit, is je cup te groot.”
Natasja: “De belangrijkste tip is: ga, net als bij loopschoenen, een sportbeha altijd passen. De maat die je het beste zit, is niet altijd hetzelfde als bij je normale lingerie.”

Waar kun je nog op letten?
Marieke: “Kies een beha met platte naden, zeker aan de binnenkant, anders loop je kans op irritatie. Naadloos aan de buitenkant geeft een rondere, gladde borst: veel vrouwen vinden dat mooi en het tekent minder af. Als je een beugelbeha hebt, moet die beugel zeker achter je borst komen. Brede en zachte schouderbandjes verdelen het gewicht beter en bieden, zeker bij grote borsten, meer comfort. Ik geef de voorkeur aan een breed rugpand met haakjes: ook dat geeft meer steun. En aan ademend materiaal dat snel vocht afvoert en slijtvast is. Functionaliteit gaat boven looks.”

Hoe onderhoud je sportondergoed?
Natasja: “Na het sporten spoel je je beha best even uit. Als je zweet, scheid je zout af dat de poriën van de stof kan doen verstoppen waardoor die aan ventilatie en elasticiteit verliest. Kort in de wasmachine kan ook, tussen je andere kledij, maar wees lief voor je beha en gebruik een waszakje. Gebruik nooit wasverzachter, dat geldt trouwens voor alle synthetische stoffen. En reken op zo’n 200 wasbeurten voor je aan een nieuwe toe bent.”

Wat is zo de gemiddelde prijs?
“Voor zo’n 60 euro heb je al een goede,kwalitatieve sportbeha.”

Kerstcadeautjes kopen is voor veel mensen een calvarietocht. Wij zien ze elk jaar voorbij onze winkelruit passeren: zichzelf voortslepend richting overvol centrum, met lood in de schoenen en een zwaar gemoed.  Maar dit jaar wordt anders, want kerstshoppen kan ook gezellig zijn, én gemakkelijk. Zie hier: zeven cadeautips voor alle mensen rond uw feesttafel. Dan moet je maar tot aan de Dampoortstraat geraken, en mag je voldaan weer huiswaarts keren, naar kroost en kerstkalkoen.

  1. De man: Face-it: Mannen zijn de moeilijkste gevallen om cadeaus voor te kopen. In mijn leven toch. Voor vrouwen zie ik altijd een miljoen schone dingen, maar voor de mannen blijf ik vaak steken bij boeken, drank, en…drank. Niet dit jaar, want wij hebben megaschone en ecologisch volledig verantwoorde boxers van Adam. Want ook een man mag eens iets fanciers dragen dan grijze streepkes, of donkerblauwe carreautjes, niet waar? H1piZ5zw
  2. De muziekliefhebber: The Rolling Stones vs The Beatles. Kousen blijven een klassieker met kerst. En waarom eens geen kousen geven, met nóg grotere klassiekers op?thumbnail_IMG_6988
  3. De jonge mama: een lingeriebon. Jonge mama’s denken vaak aan de hele wereld, behalve aan zichzelf. Geef hen een bon waar ze mooie lingerie mee kunnen kopen, of ze dragen twee jaar na hun bevalling nog hun uitgerekte borstvoedingsbeha’s. I’ve warned you!cadaubon
  4. Een baby om op te eten. Voor alle cutie pies aan de tafel: een body van Snurk, is onweerstaanbaar. En gemaakt uit biokatoen, dat verkleint die kleine zijn voetafdruk.Chocolate Dream Violet_Baby-13200
  5. De mama (of de oma, dat kan ook): deze geweldig mooie kimono van Essenza. De kraanvogels behoren tot het mooiste wat wij hier al gehad hebben. Aanrader voor al wie graag elegant aan een ontbijttafel verschijnt. En hij is budgetvriendelijk.SARAI_IZIA_rose_sfeer01_LR
  6. Voor jezelf: ongemeen sexy lingerie. Omdat het Kerstmis is. Er mag zelfs een beetje glitter bij, zoals bij deze mooie Simone Pérèle.Simone_P_SELECT_2_HD-_16
  7. En voor de zatte nonkel: de zingende Gift Box van Happy Socks. Net als aangeschoten politieke discussies de sfeer onder nul dreigen te jagen, schalt daar Merry Christmas uit een giftbox. Met daarin de meest old fashioned kerstsokken die je ooit hebt gezien. Oef, kerstfeest gered! thumbnail_IMG_6986

Oh ja, voor alle cadeautjesjagers zijn we extra open op zondagen 22 en 29 december, van 13 tot 17 uur.

Jingle all the way!

water4Toen mijn mama het voorbije jaar een bikkelharde, en bij voorbaat ongelijke, strijd voerde tegen borstkanker, was ik zeer bewust bezig met afscheid nemen. Het stond vrij snel vast dat ze haar strijd niet zou winnen. En vanaf dat moment greep ik elke kans om met haar te gaan eten, en haar nog zoveel mogelijk dingen te vertellen en te vragen.

Ik zocht een jobstudent voor dinsdagochtend, om dan bij haar te kunnen zijn. Ik gaf haar een boekje met persoonlijke vragen om in te vullen. We lieten samen een tattoo zetten, omdat zij die al haar hele leven wilde, en opdat ik een tastbare herinnering aan onze hechte band zou hebben voor later. En elk moment dat we samen beleefden, legde ik vast in honderden foto’s. Ik nam zoveel foto’s van haar, dat ze er half ongemakkelijk van werd, maar ze liet me doen. Omdat ze voelde waar ik mee bezig was. 

Als een detective sprokkelde ik bewijzen van haar bestaan. Ervan overtuigd dat alle restjes mama die ik kon verzamelen mij zouden helpen, om haar dichterbij te halen op de dag dat ze echt weg was.

Tegelijk was ik ook al volop plannen aan het maken over hoe ik het zou aanpakken ná haar dood. En hoe ik haar ziekte en overlijden zou ombuigen naar iets positiefs. Ik zou acties opzetten voor Think Pink, de organisatie die zich inzet voor borstkanker. Ik wilde samenwerken met een Gentse bakker om cupcake-tieten te bakken en te verkopen voor de Warmste Week, die natuurlijk volledig in het teken zou staan van mijn moeder haar ziekte. En ik wilde klanten die zelf ziek zijn, helpen met het vinden van degelijke en mooie prothesebeha’s en badpakken. Net zoals ik voor mijn mama had gedaan.

Ik was ervan overtuigd dat ik dat kon. Omdat ik er van zo dichtbij was bij geweest. Toen ze geopereerd werd, en voor het eerst naar haar geschonden lichaam durfde te kijken. Toen we samen met haar beste vriendin en haar vriend haar haar hebben afgeschoren. En toen we samen een mooi prothesebadpak gezocht hebben voor haar laatste reis naar Griekenland.

Ik wist zeker dat die ervaringen van mij de geknipt persoon maakten om vrouwen met borstkanker te helpen. Om naar hun verhalen te luisteren. En voor hen mooie beha’s uit te zoeken. En dat het mij ook zou helpen om mijn moeder haar ziekte en dood zinvoller te maken.

Maar nu mijn mama er effectief niet meer is, bijna vier maanden al, blijkt dat die dadendrang geen steek houdt. Dat de tastbaren bewijzen van haar bestaan haar niet dichter brengen. En dat je rouw niet kan counteren met een strak plan.

Haar haren die ik heb bijgehouden, omdat acajou al sinds ze een jonge vrouw was haar kleur was, en ze daardoor zo’n wezenlijk onderdeel vormden van wie zij was… staan al sinds januari onaangeroerd op onze vensterbank. En gelukkig is mijn man zo attent om niet te vragen wat een pot met haar in een keuken staat te doen. Ik slaag er niet eens in om die pot te verzetten, laat staan erin te kijken. Nog niet.

Haar T-shirt dat ze droeg toen ze stierf, en dat ik perse wilde hebben voor de dag dat ik zou vergeten hoe mijn moeder rook. Ik heb het ergens diep weggestopt. Ik kan er niet eens naar kijken. Eraan ruiken, dat kan mijn hart niet aan. Nog niet.

Haar foto’s. In een vlaag van daadkracht heb ik er een paar laten inkaderen om op te hangen in mijn bureau. Ze liggen in een schuif, gewikkeld in een keukenhanddoek. Ze ophangen lukt me niet. Nog niet.

Het beetje as dat ik heb laten apart houden, om te laten verwerken in een juweel. De doos waarin het zit, staat niet eens in mijn eigen huis. Ik kan het niet.

Think Pink… Oktober -de borstkankermaand- is vandaag begonnen. Ik heb geen actie op poten gezet. Ik kan het nog niet.

Terwijl ik dacht dat rouw een grote dadendrang ging op gang brengen, blijkt dat rouw vooral een stille kracht is. Die ervoor zorgt dat alles een beetje in een waas gebeurt, en dat mijn hoofd soms een pot moes is, waardoor ik mijn schoenen in de koelkast zet, en vreemde dingen doe in het verkeer. Het is een stille kracht die tegelijk zo overweldigend kan zijn, dat ik haar liefst zo ver mogelijk op afstand hou, en pas af en toe voorzichtig toelaat, op de fiets, alleen in bed, of onder water in het zwembad.

Het is de kracht die ervoor zorgt dat ik niet in haar ogen kan kijken, niet aan haar kleren kan ruiken, of aan haar haren voelen. En die ervoor zorgt dat ik niet in staat ben om te luisteren naar de verhalen van anderen. Omdat het minste woord, of de kleinste herinnering genoeg is om mij mee te sleuren, naar een plek waar ik niets meer onder controle heb.

En misschien lukt het volgend jaar allemaal wel. En kan ik dan wél vrouwen met borstkanker helpen in mijn winkel, en sta ik dan wél als een ijverige moeder cakes te bakken om ze samen met mijn zoon te verkopen voor de Warmste Week. Voor Mutti’s rotziekte.

Wie weet.

Maar nu nog even niet.

AA_CAMEO_BLACK_AA3161_AA3166_COVER_RGB

Freya, reddende engel voor rondborstige jongedames.

Onlangs liep ik in de Efteling met mijn grote en kleine man, toen ik telefoon kreeg van Het Nieuwsblad. Of het mij ook al was opgevallen dat de boezems van vrouwen steeds groter worden?

Ik kon alleen maar volmondig ‘Jaaaaaa’ antwoorden. Boezems worden steeds groter. Van iets oudere collega-lingeriemadammen hoor ik dat een vrouw met een D-cup twintig jaar geleden een grote boezem had. Vandaag krijg ik heel vaak tienermeisjes over de vloer met een F- of G-cup.

Hormonen in onze omgeving, en – vooral- een meer calorierijke voeding, zouden daar verantwoordelijk voor zijn. Al zie ik heel veel jonge meisjes en vrouwen die voor de rest heel slank zijn, en een zeer smalle taille hebben, maar toch een grote boezem.

Wandelend schoonheidsideaal

Dat klinkt voor velen wellicht als een wandelend schoonheidsideaal. Als Pamela Anderson die in slow motion voorbij draaft. Maar dan zonder eerst een bezoekje te moeten brengen aan Jeff Hoeyberghs.

Of het zo’n groot cadeau is, dat betwijfel ik. En veel van die meisjes met mij.

Want een G-cup kan behoorlijk zwaar zijn om te dragen met een fijn rugje. Op school loop je al snel in de kijker tijdens zwem- en turnlessen. En de helft van de kleren vallen niet mooi, omdat je boezem in de weg zit.

Veel vrouwen met een zware boezem hebben ook een trauma van toen ze beha’s moesten gaan shoppen met hun mama. Als jong meisje met grote borsten een beha vinden, was -nog niet zo lang geleden- ook écht geen sinecure. Je had de keuze tussen een witte beha met bloemen, en een zwarte beha met… bloemen. En die moesten dan ook vaak nog ingelegd worden, want die smalle omtrekmaten bestonden nog niet. Of de lingeriemadam in kwestie vond het de moeite niet om ze in te kopen.

Bye bye bommabeha’s

Die tijden zijn gelukkig voorbij. Jonge, hippe merken als Freya en Panache hebben ontdekt dat er steeds meer jonge vrouwen grote borsten hebben. En waar een markt is…, is een weg.

Die merken maken mooie beha’s en bikini’s met grote cups in smalle omtrekken. Freya biedt de laatste jaren zelfs al een Europese omtrekmaat 60 aan, wat super smal is. En de stijl is jong en hip. Bye bye bommabeha’s dus!

Of zoals een klant met gevoel voor dramatiek -en een grote boezem- het onlangs verwoordde: ‘Freya heeft mijn leven gered!’

We hadden het zelf niet mooier kunnen zeggen 🙂

 

Het artikel van Het Nieuwsblad kan je hier lezen

naouveau

Freya